15, 16 augustus

15, 16 augustus
Bij ons thuis werd altijd aan het begin van de maaltijd gebeden, aan het eind gedankt.
Mijn vader sprak 's avonds altijd de oude woorden uit:
"O vader, die ons het leven voedt,
kroon onze tafel met uw zegen en spijs;
drenk ons met het goed
van uw milde hand verkregen...".

Ook op andere momenten werd het gebed meegegeven: zoals in de wekelijkse kerkdienst op zondag.
's Avonds voor het slapen gaan, zongen we als kind:
"Ik ga slapen ik ben moe,
doe mijn beide ogen toe.
Here houd ook deze nacht
over ons getrouw de wacht".


Toen ik een aantal jaar geleden in het ziekenhuis lag, kwam ik op een vierpersoonskamer, waar nog iemand lag.
Al gauw kwamen we met elkaar in gesprek.
Hij bad elke avond.
Op een van de eerste avonden zei hij: "Ik heb ook voor jou gebeden".
Ik ben gewend om voor anderen te bidden.
Als dan iemand voor jou bidt...
Het ontroerde me op dat moment.

We hebben het er niet vaak over, soms kan het een drempel zijn om daarover te spreken, maar durven we dat soms tegen elkaar te zeggen, dat je voor de ander bidt, dat je iemand "meeneemt" in je gebeden?

Deze vraag neem ik met me mee, het weekend in.
Ik wens u een goed weekend.
terug